Dit was Australië

 

Na een ontspannen reisje, maar 115 km, aangekomen in Aldgate een plaatsje in de Adelaide Hills. De plaatsjes hier zijn allemaal een beetje dorpsachtig met overblijfselen uit de tijd dat ze gesticht zijn zo tussen 1820 en 1835. Dat ziet er leuk uit, een beetje zoals je in westerns wel ziet. De gastvrouw wil ons allerlei tips geven, maar begrijpt gelukkig dat we al vol indrukken zijn en even niks willen. Toch maken we de volgende dag nog een ritje door de omgeving. Er is hier een typisch Duits plaatsje, Hahndorf gesticht door lutherse gezinnen die in 1839 Pruissen ontvluchten vanwege hun geloof. Je kunt hier o.a. bratwurst, sauerkraut en apfelstrudel eten, die strudel hebben we ons bij de koffie (long black heet dat hier) laten smaken want de temperatuur is behoorlijk omlaag gegaan. Nou ja dat went alvast voor thuis.

BC93D109-2A0E-429D-81F5-EB416E3C07B8.jpeg

 

Bovenstaand bedrijf verkoopt allerlei soorten voer en andere producten die de boeren hier nodig hebben. Omgekeerd bieden de boeren de uitwerpselen van hun vee te koop aan, weliswaar niet in het dorp zelf maar buiten de dorpsgrens, je begrijpt wel waarom. Wel even wennen als je de reclameborden ziet staan met als aanbieding; 5 kilo horsepoo voor 2 Australische dollars en 2 kilo chickenpoo voor 5 Australische dollars. Een koopje toch !

Vandaag blog bijwerken en ons reisverslag afmaken, dan de koffers voor het laatst inpakken en morgenochtend van Adelaide naar Melbourne en via Singapore naar Amsterdam. Dat wordt nog even doorbijten, maar dat hoort erbij !

Even de statistieken van deze reis:

gevlogen:  ( met enig schaamtegevoel vanwege de CO2 uitstoot) 34.989 km.

gereden : 4060 km.

gewandeld : 254 km. ( tot onze eigen verbazing !)

gevaren : 109 km.

gefietst : 42 km.

genoten : onbeschrijfelijk veel, niet na te vertellen.

gegeten en gedronken : heel veel lekkere en onbekende gerechten en wijnen.

kosten : dat willen we niet weten !!!!

Advertenties

Kangaroo Island

Na een korte onderbreking in Mac Laren Vale, het zoveelste wijngebied in Australië, de trip voortgezet naar het zuidelijkste puntje van het Fleurieu schiereiland. Hiervandaan vertrekt dagelijks de ferry naar Kangaroo Island, volgens schema om het uur, een drukke verbinding vormend met dit deel van het land. Op deze boten mogen alleen personenauto’s en campers vervoerd worden. Een precisie klus want elke meter moet benut worden, de auto’s staan deur aan deur geparkeerd. Groot verkeer wordt apart vervoerd, zo ook de Road Trains. Dit zijn vrachtauto combinaties die je alleen hier tegenkomt, bij ons bestaat een vrachtwagen met aanhanger maar hier koppelen ze er nog een aanhanger aanvast. Gelukkig staat op de voor- en achterkant vermeld dat het een Road Train is zodat je met inhalen er rekening mee kunt houden. Als ze je tegemoet komen moet je het stuur goed vasthouden vanwege de drukgolf die ontstaat.

3E2B8398-F6E7-4B7A-BEB8-4E4D3A707616

Op Kangaroo Island zelf heerst grote rust, weinig verkeer op de weg en nauwelijks toeristen, alleen wat groepen met onze Aziatische vrienden kom je tegen. Ons onderkomen ligt aan een baai en is na 45 kilometer gravel road te bereiken. Een geweldig uitzicht vanaf ons balkon over de oceaan. Restaurants zijn hier niet te vinden en we hebben dan ook hier lekker zelf kunnen kokkerellen. Het zuidelijk deel van het eiland hebben we zondag bezocht. Het nationale park Flinders Chase, dat helemaal in het westen ligt, biedt verschillende bezienswaardigheden. De remarkable rocks doen hun naam eer aan, een bizarre opstapeling van rotsen die ontstaan is door vulkanische activiteiten en erosie. Ook de Admirals Arch is een geweldig mooie plek om te verblijven. De aanstormende golven slaan met geweld stuk op de rotsen, tussen deze golven zitten ook zeehonden die ogenschijnlijk geen last hebben van dit watergeweld. In dit park zijn heel wat mooie wandelingen te doen, je kunt er dagen doorbrengen. In Vivonne hebben we een lekkere whiting burger gegeten, een specialiteit van dit dorp. Onderweg terug ook nog even gestopt bij de kleine Sahara, een aantal zandbergen waar je met een surfboard af kunt dalen. Een sport die veel door de jeugd wordt uitgeoefend, wij hebben onze botten er maar niet aan gewaagd.

7577D3EE-D44A-4D69-B88B-266CB010D56C15A49B9B-A6E8-457D-B2B5-675BA20BB939E2E71D2C-9B5B-4FA4-A1C7-9004CE2B10CD

 

 

 

De dag erop het noordelijk deel van het eiland verkend, bij de Casini rocks zou je ander deel van de rotsformaties kunnen zien met alweer spectaculair watergeweld. Helaas bleek de ANWB gids niet te kloppen, het laatste deel was privé terrein, dus onverrichter zake terug gereden en naar Kingscote gereden, de hoofdstad van het eiland voor een kop koffie. Dat koffie zetten gaat hier heel apart, je bestelt aan de bar je koffie en je krijgt een nummer mee dat afgeroepen wordt, en dan kun je de bestelling ophalen. Het duurt soms wel 10 minuten, maar dan krijg je wel een versie kop. Na de koffie naar American Bay gereden, in dit gehucht moest volgens de VVV  de beste oesterbar van het eiland staan, en dat bleek ook te kloppen. We hebben een schaal leeg gegeten waarop naast oesters ook marrons, een soort venusschelp, ook gerookte vis en kreeft  lag. Het blijft afzien hier !

C6C05D1F-2E49-48DA-8FFA-8A88D53E087D

F3ED9599-A6B2-4ED5-961E-FACCC18EF04AIn dit plaatsje wordt bovendien een replica van de Independance gebouwd, het eerste schip dat in 1803 in zuid Australië is gebouwd en veel is ingezet op reizen naar Nieuw-Zeeland en China. Een groep vrijwilligers is druk bezig om dit schip na te bouwen, een gepensioneerde timmerman heeft ons rondgeleid op de werf en veel verteld over het schip. In de haven ook nog, voor het eerst, een pelikaan zien zwemmen.

Flinders Ranges

Op 29 oktober ligt er weer een rit van ruim 500 km. voor ons. Via Gawler,  Jamestown en Orroroo rijden we naar Hawker door een landschap van wijngaarden en daarna vooral landbouwgebied, weer wijngaarden – Clare Valley – en daarna alleen maar graan,graan, graan. Prachtige gele eindeloze velden die vooral voor het hooi gebruikt worden, daar is momenteel een enorme behoefte aan vanwege de droogte. Pas dicht bij Hawker zien we bergen, na 400 km. Eindeloze vlaktes. Maar zoals je ziet hebben ze de saaie grijze graansilo’s soms opgeleukt!

Na Hawker rijden we door een steeds ruiger landschap het laatste stuk naar ons verblijf in Rawnsley Park Station een schapenboerderij die de toeristen als extra inkomsten erbij is gaan doen. We hebben een “eco villa” een prachtig huis met een nog geweldiger uitzicht en voorzien van alle comfort. De wasmachine en droger zijn meer dan welkom na ruim 4 weken reizen. Jekunt vanuit je bed een Luik bedienen waardoor je ‘s nachts miljarden sterren ziet. Het is hier aardedonker. En stil, alleen wij, de vogels en de natuur. Dat hebben we al vaker in dit land ervaren. Het is hier bloedheet, 40 gr. En barst van de vliegen en muggen. Maar airco aan en horren dicht helpt.

De volgende dag maken we een rondtoer door de omgeving ( fijn voor Fred dat ie die 220 km. niet zelf hoeft te rijden). De gids laat ons allerlei bijzondere plekken zien en natuurlijk zien we emoes, en kangoeroes, die hier Euro’s heten – een ondersoort die kleiner is en bredere rondere oren heeft. We zien fossielen in de diverse ‘gorges’. Hier is het oudste fossiel ter wereld 550 miljoen jaar oud. We gaan ook op zoek naar de geelvoet rotskangoeroe, die alleen hier leeft. We zien er een weggekropen in zijn hol hoog in de bergen. Groot gelijk: 40 gr. is niet echt fijn om buiten te zijn. We rijden een stuk door de ‘outback’ en lunchen in een hotel dat helemaal in het niets staat. Maar kangoeroebiefstuk kunnen ze bereiden ! Via een oud mijnstadje gaan we via een plek met aboriginalinscripties terug naar onze villa. De volgende dag is het weer zo heet; we maken ‘s morgens vroeg een wandeling en blijven daarna rustig in de koelte. Aan het einde van de middag maken we een rondvlucht van drie kwartier over de Flinders Ranges. Magnifiek ! Niet in woorden te vertellen hoe mooi het hier is. Kijk maar.

De volgende dag moeten we al weer verder. Dat doen we via een aanbevolen route dat was een prima idee: geen mens gezien, wel heel veel kangoeroes en euro’s. En een grote groep van 20 emoes, die op de vlucht gingen toen we stopten voor foto’s. Dit deel van Flinders is wat minder ruig waardoor de dieren meer beschutting en voedsel hebben. Een prachtig eerste uur van weer een reis van 500 km. Die ook weer net als de heenweg door de graanstreek gaat waar ijverig gemaaid wordt, de lucht is hier en daar wazig van het stof. Omdat we door Adelaide moeten en natuurlijk precies in de avondspits, kost de reis veel tijd. We nemen ten zuiden van de stad nog een toeristische route, zodat we pas tegen zessen arriveren in alweer een wijngebied: McLaren Vale.

Cockatoo Valley

Vandaag moeten we zo’n 480 km rijden naar een klein plaatsje dat in het zuiden van Barossavalley, een beroemd wijngebied ligt. Eerst maar tanken, want pompen zijn schaars gaf de reisorganisatie ons als advies; nou dat valt wel mee!

We rijden door een afwisselend landschap, deels veeteeltgebied, maar ook onvoorstelbaar grote graanvelden. Wij vonden de graanvelden in Noord Frankrijk al erg groot, hier weet je niet wat je ziet. Zover het oog reikt, en dat is ver want dit deel van het land is heel vlak, diverse tinten geel van het graan of groen van de lucerne, een gewas dat als veevoer geliefd is. Opvallend weinig verkeer onderweg terwijl dit toch gewoon een highway is.

 

Ons cottage is een oude mijnwerkerswoning. Wel wat opgepimpt met een badkamer die is bijgebouwd en in een apart gebouw nog een zitkamer annex tweede keuken. Minder leuk is dat je ‘s nachts eerst je badjas aan moet, naar buiten moet om bij die badkamer te komen. Dat is soms hollen als je nodig moet, want zo warm is het niet. Die mijnwerkers van 150 jaar geleden zouden overigens jaloers zijn geweest. Maar zij waren op zoek naar goud. Niet erg succesvol overigens er werd maar een beperkte hoeveelheid gevonden en tijdens een wandeling door het gebied konden we de schachten en de diverse overblijfselen van hun activiteiten zien. Blij dat wij een ander beroep hadden ! Overigens ook hier overal prachtige bloemen – het is tenslotte voorjaar.

De volgende dag een toer gemaakt door Barossa Valley. Bij de VVV hielpen ze ons aan een mooie route en een leuk adres om wat te proeven vergezeld van hapjes uit de streek . De wijnen waren heerlijk en de verleiding groot, dus met een paar flesjes vervolgden we onze tocht. Wat een enorme uitgestrekte wijngaarden ! We kwamen ook nog langs het complex van Jacobs Creek, in Nederland wel bekend. Een enorme onderneming gelegen aan , je raadt het al: Jacobs Creek een piepklein beekje. Bovendien hoorden we later dat de wijnen die aan Europa geleverd worden heel andere zijn dan wat ze in hun eigen land op de markt brengen. De slimmers houden het lekkerste zelf, gelijk hebben ze.

Een ander opmerkelijk feit is dat in Europa en de VS het Foster bier erg bekend is, maar dat je het hier nergens terug kunt vinden. Alleen een paar kroegen in Queensland schijnen het te willen tappen. Navraag leerde ons dat de Aussies het betere bier voor zich zelf houden.

Wat de seizoenen betreft valt op dat in de regio Sydney en Melbourne de voorbereidingen voor het vakantieseizoen nog volop bezig zijn, terwijl in de binnenlanden en outback men al bezig is met het afsluiten ervan. Temperatuur loopt in de laatste gebieden zelfs voor de locale bevolking en ook de dieren te hoog op. Er is gebrek aan water omdat de kreekjes uitgedroogd zijn wegens de tegenvallende regenval de laatste jaren. Kangoeroes zoeken de kanten van de wegen op waar soms nog wel wat te eten is omdat het regenwater van de wegen afloopt. Met als gevolg een slagveld aan dode dieren langs de weg. Op sommige stukken ligt er om de 20 meter een verkeersslachtoffer, tot groot genoegen van de kraaien en de adelaars.

Grampian mountains

 

 

Nog even een indruk van de flora en fauna van de afgelopen dagen.

Op woensdag 24 oktober, na de nodige boodschappen te hebben gedaan, de reis vervolgd naar de Grampian mountains. Niet zo’n heel lange rit dit keer, de eerste 80 kilometers waren niet zo spannend, veel boerderijen met schapen en soms wat koeien. Daarna zien we de in de verte de bergen opdoemen, via veelal bochtige wegen rijden we door een schitterende omgeving met veel bossen. Ons onderkomen is dit keer een groot huis dat boven op een heuveltop staat met rondom uitzicht op de bergen. Volgens de informatie in het huis komen elke dag tegen de avond de kangoeroes in de tuin hun dagelijkse portie groenvoer aanvullen, en ja hoor zo tegen zessen stonden er een paar. Ze zijn erg waakzaam en houden ons goed in de gaten, ze leven eigenlijk solitair maar als er gegeten gaat worden dan doen ze dat samen. Wij wisten niet dat er zo’n drie hoofdstraten kangoeroes waren, een soort heet zelfs “ euro “. Niets met onze munt te maken maar een oude uitdrukking die de aboriginals gebruikt hebben. Onderweg nog een bijzonder dier gespot, namelijk de blauwtong lizard, een grote hagedis, zonder puntstaart die zich het beste thuisvoelt op een warme plek, in dit geval de asfaltweg. Om te vermijden dat die plat gereden zou worden het beest met een stok van de weg geduwd, hetgeen met gesis werd beantwoord. Later zagen we ze nog in de bossen rondkruipen.

De dagen erna hebben we opnieuw veel gewandeld naar bijzondere plaatsen in de bergen. De Balconies moesten we gezien hebben, na zo’n uur lopen en veel klimmen bereikten we dit punt. Een bijzondere vorm van rotsen die in de loop van de tijd zo gevormd zijn. In dit zelfde gebied is ook een observatiepost neergezet die het gehele gebied overziet en als brandwacht fungeert. Bosbranden in dit deel van Australië vormen een grote bedreiging voor mens en dier. In 2007 heeft hier een grote brand gewoed waarvan je de sporen, zwart geblakerde bomen, nog kunt zien. Overal staan waarschuwingsborden met informatie omtrent de status van de bossen. Ook hier heeft men een te droge periode achter de rug, terwijl de zomer nog moet beginnen. Na de wandeling weer via gravel roads weer naar huis gereden waar we werden opgewacht door de kangoeroefamilie die zich voor de deur hadden geposteerd. De Grand Canyon bestaat ook hier en wel onderweg naar de Pinnacles, een rotsformatie met een grandioos uitzicht over de omgeving. Wat verderop, letterlijk ingeklemd tussen twee rotswanden met de naam Silent Street  moesten we naar boven zien te komen, dat lukte goed maar voor wat gezettere figuren zal dit minder makkelijk gaan. Boven aangekomen, na uitgehijgd te hebben, genoten van de uitzichten. Overal wordt gewaarschuwd niet van de paden af te wijken vanwege vallende stenen en afbrekende rotsen, dit verbod wordt door onze Aziatische vrienden letterlijk met voeten getreden. Sommige idioten willen graag een selfie met spectaculair uitzicht. Voor zover we weten geen ongelukken gebeurd.

 

Great Ocean Road

We vertrekken vanuit Lorne voor onze tocht langs de beroemdste weg van Australië, de Great Ocean Road. De weg voert ons langs de grote Oceaan, soms op zeeniveau en soms op een wat grotere hoogte. De bezienswaardigheid van deze weg bestaat uit de prachtige vergezichten op baaien, strandjes en kustplaatsen met als hoogtepunt de 12 apostelen, een serie rotsen die in het water staan net langs de kust, dit zijn door de getijdewerking langzamerhand uitgesleten stukken kust. Sommige spectaculair om te zien. Wat ook spectaculair is is de kracht waarmee de golven tegen de rotsen beuken. In 50 jaar slijt er een meter rots af. Soms stort er ineens een stuk in, vandaar dat je ook geen 12 rotsen meer ziet.

Dit is natuurlijk een toeristische trekpleister, gevolg: een waanzinnige hoeveelheid Chinezen die al selfies makend overal voor gaan staan en een herrie maken als tien kooien parkieten ! Bovendien zijn ze een gevaar op de weg: staan ineens op de rem, of slingeren als een gek omdat ze meer aandacht voor de omgeving hebben dan voor het verkeer. De Australiërs haten het om dit stuk weg te rijden en er gebeuren dan ook legio ongelukken. Maar het blijft een indrukwekkend gezicht. We doen er dan ook de hele dag over om in ons volgende onderkomen te arriveren: een soort strandhuis waar je vanuit je bed de zee kunt zien. Dit zou een B&B zijn, maar we krijgen een hamper, moeten op de bank eten en water kunnen we alleen in de badkamer halen. Een hamper is een mand met de spullen die je nodig hebt voor het ontbijt, nou ook weer overleefd. En bovendien in de oudste herberg in het nabijgelegen Killarney heerlijk gegeten. De volgende dag een lekkere wandeling gemaakt in Towerhill Park een natuurpark dat bestond uit allerlei oude vulkanen in een enorme krater. We zien zelfs wat dieren: emoes, koala’s ,een slang, wat hagedissen en een prachtige rode vos.

Lorne

 

Vrijdagmorgen na het ontbijt, de huurauto opgehaald en vervolgens de drukte van Melbourne achter ons gelaten. De eerste 40 kilometers nog erg druk op de weg maar naarmate we verder kwamen werd het een stuk rustiger. De meest bekende weg die vrijwel iedereen volgt die naar het westen rijdt, is de GOR, oftewel de great ocean road. Deze mooi aangelegde weg voert deels langs de kust maar pakt af en toe ook een stuk binnenland mee. We worden vaak gewaarschuwd dat deze weg nogal eens te maken heeft met ongelukken. Met name de Aziatische vakantiegangers, voornamelijk Chinezen houden zich niet zo nauw aan de regels en aan het links rijden. Zelfs de verkeersborden langs de weg zijn ook in het chinees neergezet. We verblijven in een kleine accomodatie die gerund wordt door twee dames die ons met raad en daad bijstaan. Ondanks dat het nog niet echt lekker warm is, krijgen we het ontbijt op het terras geserveerd. Je kunt goed merken dat het nog vroeg in het seizoen is, veel accomodaties hebben kamers beschikbaar en de restaurantjes kunnen ook nog wel wat klandizie gebruiken. Omdat we aan de kust zitten van de oceaan is de aanvoer van vis en schaaldieren gegarandeerd. We hebben dan ook al twee keer heel lekker gegeten, met name de “ flake “ , een soort kleine haai, smaakte voortreffelijk. Deze vissoort is volop aanwezig en is dus niet beschermd. Ook de jakobsschelpen gaan er goed in.

 

Zaterdag hebben we een flink stuk in het bos gelopen, en vervolgens met de auto een rit gemaakt naar de binnenlanden, onderweg nog een wijnproeverijtje gedaan bij een kleine locale producent. Onvoorstelbaar hoeveel kleine wijngaarden in dit gebied zitten en ze maken allemaal goede wijn, met name de witte soorten worden veel gemaakt. Na de proeverij weer naar de kust gereden en als echte toeristen een bezoek gebracht aan een klein gehucht waar “ in het wild “ nog koala beertjes zitten. Je moet goed speuren tussen de takken en als je geluk hebt spot je ze. Ook zitten hier veel papegaai achtige vogels, die ze hier cockatoo’s noemen. Prachtige kleuren ! Vervolgens weer terug geleden naar ons onderkomen via een alternatieve off the road route. Wel apart dat je 25 kilometer rijdt zonder tegenliggers. Je vraagt je af waarom dit soort gravelpaden aangelegd zijn in gebieden waar helemaal niemand woont. Misschien dat het met de afvoer van gekapt hout te maken heeft.

Zondag opnieuw een paar flinke stukken gelopen in de bossen en in de middag een heel eind langs de kust geslenterd en langs de waterlijn allerlei mooie schelpen gevonden. Vandaag ook niet echt mooi weer, maar gelukkig wel droog gebleven. Er wordt door de lokale bevolking flink op zee geoefend met surfplanken, knap lastig volgens ons om op zo’n plank te kunnen blijven staan. Wat ook opvalt langs de kust, niet alleen hier maar ook elders aan de zuidkant, dat er veel schepen in slecht weer vergaan zijn in het verleden langs deze kust. Het weer hier varieert per dag heel sterk, vrijdag toen we aankwamen was het 28 graden en gisteren en vandaag met moeite 15 graden.